VERHAAL

Dankzij Maaike reist S. (12) nu zelfstandig naar school.

“Alleen al door er te zijn, zag ik haar zelfvertrouwen groeien.”

“Tijdens de zomervakantie heb ik S. twee keer per week opgehaald om te oefenen met het openbaar vervoer. Na de vakantie ging ze starten op een nieuwe school in een andere stad. Ze vond het reizen met het OV heel erg spannend. Het doel was dat ze zelfstandig en zelfverzekerd naar school kon gaan en ik mocht haar daarbij helpen.

Ik verwachtte eigenlijk best wel een timide meisje. Maar toen ik haar ontmoette dacht ik echt ‘huh?!. Ik zag een sociaal, slim meisje. Ze is opgewekt en ze praat makkelijk. We hadden meteen een supergoede klik!”

“S. had nog nooit in de trein gezeten. De tram kende ze maar dat ging soms nog mis omdat ze vergat uit te stappen. Ze kijkt dan op haar telefoon en vergeet het gewoon. Dus we spraken af om iedere keer de hele route van huis naar school te oefenen en terug.

S. woont van jongs af aan bij een heel fijn pleeggezin met andere pleegkinderen. Haar pleegmoeder vertelde me dat S. heel veel dingen heel goed kan, maar dat er hele specifieke dingen zijn waar ze moeite mee heeft. Bijvoorbeeld het verschil tussen ochtend, middag en avond. Dus dan zeg ik bijvoorbeeld. Ik kom je ’s middags om 13.00 ophalen en dan zegt zij: zo vroeg? Maar ook tijdsduur vindt ze moeilijk, zoals het verschil tussen 5 of 20 minuten begrijpt ze niet goed.”

Ik heb geprobeerd om haar daar mee te helpen, maar dat was te lastig. Dus ik ben met haar heel praktisch aan de slag gegaan. De route uit haar hoofd leren. Gebruik maken van een reis-app. Hoe herken je mensen die voor de trein werken. Aan welke mensen kun je hulp vragen en aan welke niet. Dat soort dingen.”

Achtergrond

Maaike (26) woont in Den Haag. Ze werkte jarenlang in de horeca en is begin dit jaar afgestudeerd als forensisch (ortho)pedagoog.

“De trein vond ze de eerste keer echt eng. We moesten inchecken en door de poortjes. We gaan in de achtbaan, zei ze. (haha) Toen schrok ze van het gat tussen het perron en de trein. Dat heb je niet bij de tram. We gingen zitten en ze hield haar stoel stevig vast. Alsof we 400km per uur zouden gaan. Na 5 minuten zei ze, is dit het? En toen was het helemaal goed. Dat onbekende vond ze gewoon heel spannend. Ander vervoer, stad, station…

Ik hou wel van knutselen (haha), dus ik ben met een soort beloningssysteem aan de slag gegaan om haar aan te moedigen. Ik heb kaartjes gemaakt met een behaald doel. Bijvoorbeeld: ‘Ik weet wat ik moet doen als ik bij de verkeerde halte uitstap’ of ‘Ik weet de route naar school’. Bij tien kaartjes kreeg ze een kleinigheidje. Mijn vader komt uit Japan en ik had een mooi Japans mondkapje met een kattensnuit er op. Die vond ze geweldig!”

“We gaan in de achtbaan; zei ze. We gingen zitten en ze hield haar stoel stevig vast. Alsof we 400km per uur zouden gaan.”

“In het begin was het contact best luchtig. Tijdens het reizen was ze non-stop aan het zingen, dansen of allebei. Ik kan niet goed zingen (haha nee echt niet), maar ik doe het wel altijd. Dus dat was zo leuk samen. Dat je je heel erg op je gemak voelt. Dat we veel te hard aan het zingen waren en mensen naar ons keken. Dat soort momenten.

Op een gegeven moment gingen we ook wat meer praten over dingen die ze spannend vindt. Aan het eind ging ze steeds meer dingen met me delen. Bijvoorbeeld over een ruzie met haar zus. Ze nam mij in vertrouwen.”

“De laatste keer had S. geld meegekregen, want ze wilde graag samen iets gaan eten. Toen zijn we door de stad gaan lopen. Een patatje gehaald. Beetje bij het water gezeten. Dat was een mooie afsluiter.

Je weet natuurlijk dat het op een gegeven moment gaat stoppen. En het voelt toch alsof we een soort van vriendinnetjes zijn. Tijdens de laatste keer zei ze onderweg naar huis: ‘Ik ga je zo erg missen’. En ze had een kaartje geschreven: ‘Ik had het nooit zonder jou kunnen doen. Ik vond het zo leuk. Misschien kunnen we nog afspreken?’ Dat is dan lastig.

Je zou dat dan echt wel willen maar je wil ook geen verkeerde verwachtingen geven of beloftes doen die je niet waar kan maken. Ik heb nu gezegd; laten we elkaar toevoegen op Snapchat. Jij krijgt het druk met school en ik met werk. We kijken eerst maar eens hoe dat gaat en we kunnen elkaar altijd nog spreken door een berichtje te sturen. Dat vind ik voor nu wel een goede manier om toch contact te houden.”

“Onderweg naar huis zei ze: ‘Ik ga je zo erg missen’. En ze had een kaartje geschreven: ‘Ik had het nooit zonder jou kunnen doen.”

“Vrijwilligerswerk doe ik omdat ik er voldoening uit haal. Je krijgt ook veel waardering. Van haar en van haar pleegouders, maar ook vanuit de vrijwilligerscoördinator van JIJ BENT die me elke keer weer appte: ‘je doet het zo goed’. Dan ben je gewoon supertrots, het geeft een goed gevoel. Ik vind dat ik iets heel kleins heb gedaan, maar daar krijg je dan zoveel voor terug. Ik vond het echt het hoogtepunt van de zomer.”

Zelfs als je niet zo’n goede match hebt als ik en als je niet samen aan een specifiek doel werkt, zal je toch iets kunnen betekenen voor een kind. Alleen al door er te zijn, groeit het zelfvertrouwen.

Ik denk dat ik S. daarmee het meest heb geholpen. Haar zelfvertrouwen. Ze gaf aan dat ze het niet had kunnen leren zonder mij, maar dat kon ze natuurlijk echt wel. Alleen had ze aanmoediging nodig, ze voelt nu zelf ook dat ze het kan. Dus ik zeg: als je er al een tijdje aan denkt om iets te doen voor een kind, doe het gewoon!”

“Ik vind dat ik iets heel kleins heb gedaan. En daar krijg je dan zoveel voor terug.”

  • Jij bent hard nodig

    Wil jij ook iets betekenen voor een kwetsbaar kind? Naast S. zijn er nog veel meer kinderen die jouw steun hard nodig hebben. Help je mee?

    KIJK WAT JIJ KUNT DOEN